Tag Archives: dialoog

verdwenen beeld

Hoe identificeren we onszelf met verdwenen afbeeldingen?

Opeens zie ik haar weer en ik herken haar direct! Ik was jong toen ik haar zag op  het witte doek in de cinema en hield meteen van haar. Ik weet niet meer in welke film zij speelde en wie de regisseur was, maar haar herken ik als een verloren vriendin. Ze was anders en intrigeerde me zeer, ze ging zo mooi haar eigen gang en hield van schoonheid…  Ze paste niet in haar omgeving, dat wil zeggen ze paste er zo goed, maar was zo anders dat de ‘anderen’om haar heen het niet zagen. Die vonden haar vreemd anders. Dat is wat ik me herinner van het verhaal van de film. Ik ben blij dat ik haar weer zie. Ik zie haar voor me bewegen op het scherm, zo eigen wijs als een vogel, met bonte veren, op laarsjes en met parasol. Ze had een naam die grappig klonk…

Laura Marks citeert in ‘Touch Sensuous Theory and Multisensory Media’ een tekst van Roland Barthes: 

‘To love a disappearing image one must trust the image is real in the first place; that it establishes an indexical link between the long-ago objects recorded by a camera and the present-day spectator. We mourn the passing of the young lovers/actors because we are sure that they existed: the photograph is a sort of umbilical cord between the thing photographed then and our gaze now’  (Barthes, Camera Lucida, 1981).

Om van een verdwenen beeld te kunnen houden moeten we ten eerste vertrouwen dat de afbeelding echt is, dat wil zeggen dat er een inhoudelijke link is tussen de lang-geleden objecten die door een camera zijn vastgelegd en de hedendaagse toeschouwer. We treuren om de verdwijning van de jonge geliefden/acteurs omdat we er zeker van zijn dat ze bestaan: de foto is een soort navelstreng tussen het gefotografeerde object toen en onze blik nu. 

De echte rouw verschijnt als die navelstreng is afgesneden, concludeert Marks.

verdwenen beeld

Loving a disappearing image means finding a way to allow the figure to pass while embracing the tracks of its presence, in the physical fragility of the medium.

Houden van een verdwenen afbeelding betekent een manier vinden de figuur toe te staan te passeren en tegelijk de sporen van haar aanwezigheid te omarmen, in de lichamelijke fragiliteit van het medium, schrijft Marks.

Laura Marks schrijft over het lichaam van mediakunst als sterfelijk en kwetsbaar zoals ons eigen lichaam dat is en onderzoekt hoe audiovisuele media reacties kunnen uitlokken in de andere zintuigen naast het oog. Dit onderzoek is voor haar een belangrijk aspect in het begrijpen van de relatie tussen ‘kijker’en film (of video, of digitaal werk) als een intercorporele relatie, als een lichamelijke verbondenheid.

Laura Marks schrijft over twee vormen van perceptie bij het film kijken: optische perceptie die ons de mogelijkheid geeft te symboliseren en elk object een naam te geven en die ons om diezelfde reden blind maakt voor de rijkdom van sensorische beleving en haptische perceptie die ons in detail laat ervaren, maar ons geen afstand laat nemen van die ervaring om die te kunnen definiëren. Beide vormen van perceptie noemt Marks noodzakelijk.

Marks haalt Vivian Sobchack aan die schreef over het interactieve karakter van film kijken in haar boek The Adress of the Eye. Als men film kijken ziet als een uitwisseling tussen twee lichamen – dat van de kijker en dat van de film – dan moet de karakterisering van de filmkijker als passief, plaatsvervangend of projectief vervangen worden door een model van een toeschouwer die participeert in de productie van de filmische ervaring in plaats van dat de toeschouwer kijkt naar  film als door een kader, raam of spiegel. Sobchack betoogt dat de kijker de filmische ruimte dialogisch deelt en vorm geeft. Filmische perceptie is niet vooral visueel maar synesthetisch vervolgt Marks, een handeling waarin de zintuigen en het intellect niet opgevat worden als gescheiden van elkaar. Zo is het zinvol te spreken over aanrakingsparticipatie (touch participating) als we deze beleving begrijpen als een ervaring van het levende lichaam.

Hoe word ik geraakt door de film? En wat wordt er aangeraakt? Wat speelt er zich af tussen mij en het filmdoek? Welke dialoog treedt er in werking?

Sobchack spreekt van haptische visualisatie. Haptische beelden nodigen de kijker uit haar of zijn subjectiviteit op te geven in het dichtbije en lichamelijke contact met het beeld. De trilling tussen de twee creëert een ‘erotische’ relatie, een verschuiving tussen afstand en nabijheid. Haptische beelden hebben een speciale kwaliteit waarbij eerst de visuele controle opgeheven wordt. De kijker wordt opgeroepen de leemtes in het beeld in te vullen en zich bezig te houden met de sporen die de afbeelding achterlaat. Door interactie van dichtbij met een afbeelding, dichtbij genoeg dat figuur en achtergrond zich mengen, geeft de kijker zijn gevoel afgesneden te zijn van het beeld op.

verloren beeld

Ik ga haar zoeken in de film, mijn vriendin van het witte doek die ik nooit ben vergeten, om me opnieuw door haar en de film te laten raken, anders wellicht dan toen, in een andere ‘dialoog’…